Onderduik in West-Friesland

onderduik in west friesland 1De redders in West-Friesland (lid van een verzetsgroepen), beseften al vanaf 1941 dat de Duitse bezetters hen aan banden probeerden te leggen. Je mocht haast niets meer…

Joodse mensen kregen nog minder bewegingsvrijheid. Ze werden beroofd van hun huis, hun werk, hun rechten en uiteindelijk ook van hun leven… De nazi’s vonden de joden een minderwaardig ras en daarom werden ze vervolgd, opgepakt en weggevoerd, onder andere via de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam, naar kampen in Westerbork en Vught. Van daaruit werden ruim 104.000 joodse mannen, vrouwen en kinderen gedeporteerd naar concentratie- en vernietigingskampen in Duitsland en Polen.

Veel Nederlandse joden kozen ervoor de Duitse onderdrukking te ontlopen en onder te duiken. Met gevaar voor eigen leven en familie waren West-Friese redders op zoek naar betrouwbare onderduikadressen.

Het dagelijks leven was voor joodse kinderen in onderduik vaak moeilijk. Gescheiden van ouders, broers en/of zussen, kregen ze een andere naam en soms ook een ander uiterlijk… Ze moesten zich op de onderduikplek overdag muisstil houden en konden meestal alleen ’s morgens vroeg of ’s avonds even naar buiten. Altijd was er de angst voor verraad en ontdekking … Eigenlijk bestond je niet meer, een soort leven in een niet-bestaan.

Na de oorlog gingen de kinderen, als ze geluk hadden gehad, terug naar huis. Maar de meeste joodse kinderen hebben hun ouders nooit meer teruggezien…